En toen was ik wees

De verpleger voelde haar pols en keek mij aan en schudde zijn hoofd. Ik voelde de vloer onder mij vandaan trekken, ik zakte naar de grond en begon hysterisch te huilen, ik was ontroostbaar. Een verpleegster die binnenkwam wilde mij optillen van de grond. Maar het lukte haar niet, de grond trok mij naar beneden en ik maakte mij heel klein, ik lag in foetushouding op de grond. Ik kroop helemaal ineen, mijn hart ging te keer en voelde ongelooflijk veel pijn, wat was dit voor pijn. Dit is niet goed, ik kan dit niet aan. Door alle tranen heen belde ik mijn broer op. Mijn broers en zusje waren aan het wachten in ons moeders huis om haar op te vangen, zodat ze haar laatste dagen en uren kon doorbrengen in haar eigen omgeving. Ik bracht het slechte nieuws dat ik niet meer zou komen met de ambulance en onze moeder. Ik hoorde mijn broer zijn stem trillen en wegzakken: “…..zusje….zusje….we komen nu direct terug. Blijf rustig, we komen eraan.” De gedachte dat ik geen ouders meer had, was ondragelijk. Maar het was echt, ik was nu wees.

Alles in het leven is relatief

Mijn moeder was al 30 jaar nierpatiënt. Een verschrikkelijke, zware, vermoeiende en complexe ziekte. Van een actieve, sociale vrouw die werkte als lerares in Suriname naar een vrouw die steeds meer zichzelf terugtrok en tegen depressie aanzat. Haar leven bestond uit het zien van haar kinderen en kleinkinderen, 3x per week dyaliseren, dagelijks 20 medicijnen slikken en terugtrekken in haar huis en van sociale omgeving. Maar ze had altijd haar man, mijn vader om haar te ondersteunen, helpen en te motiveren om vooral niet op te geven en dingen te vinden waarvoor ze wilt leven. Mijn vader was mijn alles, mijn voorbeeld, mijn hart en ik was altijd zijn ‘kleine’ meisje. Wat kan ik me de dag helder herinneren dat hij zijn kleindochter zag, alsof ik opnieuw geboren was. Uitgerekend mijn vader, degene die kerngezond was, 60 uur per week werkte om ons te onderhouden en alles aan de kant zetten voor zijn vrouw en zijn kinderen, werd ziek. Hij kreeg kanker en na een kort ziekbed overleed hij in het ziekenhuis. Mijn vader was pas 56 jaar en stond volop in de bloei van zijn leven. Nog niet eens met pensioen en hij had zoveel plannen nu alle 4 kinderen groot waren en uit huis zijn. Over oneerlijke dingen in het leven gesproken, dit was een van ze. Dat waren zwarte, diepe, droevige tijden en ik maakte door deze gebeurtenis een keerpunt in mijn leven. Ik was 28 en zette alles in perspectief. Mijn carrière, mijn kinderen, mijn relatie, mijn uiterlijk en mijn persoonlijke ontwikkeling. In die periode werd ik De Nieuwe Vrouw.

Alles in het leven is relatief. Wat vandaag gebeurt, kan morgen weer anders zijn. Ik moet vooral doen wat ik wil doen, mijn grenzen bepalen en aangeven, willen voelen hoe ik me voel en zeggen wat ik wil zeggen. Met andere woorden, ik ging mijzelf op nummer 1 zetten en alleen maar dingen doen die dicht bij mij liggen en geen tijd meer verspillen. Want vroeg of laat gaan we allemaal, dus liever accepteer ik dat alles tijdelijk is en dat voelt goed en bevrijdend.

Déjà vu

Wat ben ik een levensgenieter. Ik ben (bijna) overal wel voor in, omdat ik brede interesses heb. Overal zie ik het wel het mooie van in en zoniet ga ik daar naar op zoek. Als ik maar in het moment ben en dat de volle aandacht geeft. Dat probeerde ik ook altijd mijn moeder mee te geven, helemaal na het overlijden van mijn vader. Ze moet er wel het beste van proberen te maken, ondanks haar ziekte. Maar het was te zwaar, het leven was haar te zwaar, de ziekte beperkte haar in alles en was al tientallen jaren bezig met deze uitputtingsslag. Soms kregen mijn zusje en ik haar niet weg van de gedachten dat ze niet meer zo wilde leven. Maar ondanks de pijn en lijden en vele ziekenhuisopnames, bleef ze onder ons. Voor haar kinderen en haar kleinkinderen, haar trots.

Ik had ook mijn ups-and-downs, privé en zakelijk. En heb behoorlijke uitdagingen op mijn pad gehad. Maar eindstand kwam het altijd goed. Door zelf anders in situaties te staan, denken en handelen. Of door toedoen van mijn omgeving en ik geloof ook wel in het hebben van een beetje geluk in het leven. Ik stelde mijzelf regelmatig te vraag, ben ik nog op de goede weg? Als ik morgen doodga, hoe kijk ik dan terug? Doe ik werkelijk de dingen die ik leuk vind en wil doen? Ik antwoordde tot nu toe altijd ja. En als er een twijfel was of misschien wel een nee, dan veranderde ik dat direct. Want ik verspil geen tijd, heb ik afgesproken met mijzelf.

Ik had net mijn laatst uitdaging gehad, het bouwen van een huis met de nodige tegenslagen. De rust was net weer terug gekeerd tot ik op een dag werd gebeld door mijn zusje: ‘Chen, mama is met de ambulance naar het ziekenhuis’. Meer woorden had ik niet nodig. Ik kom eraan zei ik, ik sluit hier even af en ik haal je op. Twee weken gingen voorbij, op en af ritjes naar het ziekenhuis, ze herstelde goed. Mijn zusje was er elke dag, ze voelde ondanks dat het ‘goed’ ging met onze moeder dat ze er elke dag moest zijn.

En toen kwam het slecht nieuws telefoontje. Déjà vu! Toen de artsen aangaven dat we langs moesten komen, wisten we dat het goed mis was. Ik voelde dezelfde pijn als bij mijn vader, alleen nu was het erger. De dagen erna bleven we in het ziekenhuis om mijn moeder te begeleiden naar de overkant tot haar laatste adem. Ze overleed op dinsdag 2 april op 65-jarige leeftijd. Alles was gericht op zo min mogelijk lijden, als ze maar geen pijn heeft en dat hebben we geloof ik met zijn allen kunnen voorkomen. Ze heeft alles tegen ons kunnen zeggen en wij tegen haar. Ze heeft in volle verstand afscheid genomen van haar eigen moeder en zusjes en broers in Suriname (via videobellen), maar ook haar zus en broer in Nederland en heel veel familie van mijn vaders kant. Wat dat betreft heeft eenieder goed en rustig afscheid genomen. Haar afscheid en begrafenis was prachtig, rustig en we hebben gevierd dat ze heeft geleefd. Mooier dan dit kon eigenlijk niet gaan.

Hartpijn

Maar wat gebeurt er met mij? Ik word gek, maar ben rustig tegelijkertijd. Ik herhaal regelmatig haar vraag: ‘Chareen, kan ik loslaten?’. Hoe kan dit, wat gebeurt er met me. Deze pijn voelt als een constante messteek in mijn hart. Krijg ik het aan mijn hart of is het verdriet, heb ik hartpijn? Ik hou de hele tijd mijn hart vast, ik voel druk op mijn borst, de hele tijd. Ik ben misselijk en heb hoofdpijn. Ik zie wazig en niets dringt meer door. Waarom voelt het alsof ik door de grond zak als ik loop. Ik wil niet zitten en ik wil niet lopen, ik kan niets. Ik heb zelfs de gedachten dat het leven niet meer hoeft. Huh?! Dat is nieuw voor mij, dat heb ik nog nooit gedacht. Waarom wil ik niets? Het lijkt alsof het leven uit mij wordt gezogen. Waarom wil ik iedereen die me vasthoudt niet meer loslaten, waarom wil ik liever iemand anders zijn op dit moment. Ik houd eenieder die me komt troosten niet meer los, ik kan dit niet hoor. Dit gevoel heeft aangehouden vanaf het moment van het slecht nieuws tot na de begrafenis. Ik heb dagen zitten huilen en ik was ontroostbaar.

Ik besef dat ik nu wees ben. De pijn van het verlies van mijn vader was op de achtergrond, dagelijks aanwezig, maar het belemmerde niet meer mijn functioneren. Maar nu ook geen moeder meer, hoe ga ik nu verder. Ik ben een volwassen vrouw, ik heb een gezin, mijn werk, familie en mijn vrienden. Ik leef precies zoals ik wil leven, dan was tenslotte wat ik met mezelf heb afgesproken. Maar waarom voelt het dan alsof ik nu helemaal niets meer heb! Mijn basis, mijn fundament, mijn grond waar ik op sta is weg. Ondanks iedereen om me heen, voel ik me alleen en eenzaam. Waarom gaat die ondragelijke pijn niet weg? Waarom doet mijn hart zo een pijn.

En nu verder

Voor het eerst sinds jaren heb ik even geen plan. Zelfs deze Nieuwe Vrouw heeft even geen plan, geen doel en geen ambities. Het is voor mij nu allemaal even gestopt. Ik ga dit verwerken de komende periode, ik neem de dag zoals die komt en laat mijn emoties de vrije loop. Het is uitputtend om je sterker te voelen dan je voelt, dus dat doe ik niet. Ik heb de tijd en ik neem de tijd. Ik ga mij verzoenen met het gemis van mijn ouders. Ik weet wel dat ik dit aankan en dat deze lifechanging situatie weer een leerles is.

A change is gonna come, oh yes it will!